Vanmorgen belde mijn moeder weer. Ze klonk helder, vond ze zelf. “Zeg het nummer maar even, dan schrijf ik het op.” Ik hoorde hoe ze een pen zocht, het papier recht legde, klaar voor een simpele handeling die vroeger vanzelf ging.
Ik begon het langzaam te dicteren. Na de eerste twee cijfers werd het stil. “Wacht… waar was ik ook alweer?” vroeg ze. We begonnen opnieuw. En nog eens. En nog eens. Vijf keer hetzelfde begin, steeds dat kleine verdwalen. Soms hoorde ik haar zacht tegen zichzelf praten, alsof ze probeerde een weg terug te vinden in een kamer zonder deuren.
Vijftien minuten duurde het voor ze het hele 06-nummer had. Niet netjes, niet logisch, maar volledig. Toen zei ze trots: “Kijk eens, dat heb ik toch maar mooi gedaan.” En op dat moment had ze gelijk.
Alzheimer verandert alles: tijd, begrip, tempo. Maar ergens in dat warrige landschap zit nog altijd mijn moeder, die vastbesloten is om mee te doen, om iets goed te doen, om grip te houden op een wereld die haar langzaam ontglipt.
En soms is vijftien minuten gewoon een kleine overwinning.
Dit is één van de ochtendgesprekken; een kort moment zoals het zich aandiende, soms helder, soms verwarrend, maar altijd echt.
Reactie plaatsen
Reacties