Vanmorgen belde mijn moeder. Ze begon te praten over de kleinkinderen, over hoe het met ze gaat en wat ze allemaal doen. Maar al snel stokte ze. De namen waren weg. Ze wist ze niet meer.
“Hoe heet de oudste ook alweer?” vroeg ze zacht. Ik gaf de naam. Even klonk er verlichting in haar stem, maar daarna volgde de volgende: “En de anderen?” Ze probeerde te bedenken, maar het bleef zoeken. Elk kleinkind dat ooit zo vertrouwd was, voelde nu als iemand van ver weg.
We vulden de namen samen aan, één voor één. Soms klonk er een glimlach, soms een zucht van frustratie. Het was vreemd en verdrietig, maar ook warm: haar herinnering was weg, maar haar gevoel voor hen niet. Ze sprak nog steeds over hun gedrag, hun gewoontes, hun kleine avonturen.
Alzheimer neemt soms woorden, soms details. Maar het kan het hart niet helemaal wegnemen.
We eindigden het gesprek met een lach om een kleine grap van een kleinkind. De namen waren even vervlogen, maar de liefde bleef voelbaar.
Dit is één van de ochtendgesprekken; een kort moment zoals het zich aandiende, soms helder, soms verwarrend, maar altijd echt.
Reactie plaatsen
Reacties